Straatnamen in De Vijfde Hoek (2)

Alle straten in De Vijfde Hoek dragen namen van befaamde leraren uit de regio. Wat is het verhaal achter deze mensen? Deel 2 uit een korte serie over de historische straatnamen in de nieuwe wijk.

Bord met straatnaam

Zoals in deel 1 van deze serie te lezen viel, is de Adviesraad Straatnamen verantwoordelijk voor het bedenken van nieuwe straatnamen. De raad is door de gemeente benoemd. Bij De Vijfde Hoek is gekozen voor namen van leerkrachten uit de geschiedenis van Deventer. Ze vertegenwoordigen de verschillende vormen van onderwijs in de stad. In dit tweede deel passeren opnieuw een aantal bijzondere leraren de revue. U kunt het stratenplan van de wijk hier downloaden.

Rispensstraat

Jan Albertus Rispens (1889-1962) begint zijn loopbaan met een studie Nederlandse Taal- en Letterkunde aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Van 1916 tot 1952 werkt hij als leraar in Deventer. Voor Nederland is hij van betekenis als schrijver, met name door zijn werken over literatuurgeschiedenis en filosofie. Hij schrijft daarnaast ook gedichten. In 1960 krijgt Rispens de Gulden Adelaar toegekend: de culturele prijs van de gemeente Deventer. Deze bijzondere prijs wordt jaarlijks door de burgemeester uitgereikt op of rond 10 april. De datum verwijst naar de dag waarop Deventer is bevrijd: 10 april 1945. Burgemeester en wethouders besluiten over de toekenning van de Gulden Adelaar. Daarbij baseren ze zich op het advies van een speciale commissie van deskundigen.

Tjeenk Willinkstraat

Herman Diederik Tjeenk Willink (1870-1962) is leraar plant- en dierkunde aan de Middelbare Koloniale Landbouwschool. Van 1912 tot 1927 is hij ook de eerste directeur van deze school.

Pieter Stuitjestraat

Pieter Stuitje (1853-1931) is van 1885 tot 1921 hoofd van School C., een basisschool aan de Brinkpoortstraat in Deventer. Hij weet zijn school uit te laten groeien tot een ‘opleidingsschool’. Dat betekent dat deze school de mogelijkheid heeft om leerlingen voor te bereiden op vervolgonderwijs. Dit in tegenstelling tot de ‘gewone’ basisscholen uit die tijd, die uitsluitend de klassen 1 tot en met 4 hadden (vergelijkbaar met groep 3 tot en met 7 van de huidige basisschool). School C wordt in de volksmond al snel de ‘Stuitjeschool’ genoemd en Pieter Stuitje wordt getypeerd als ‘supermeester’. Hij is dan ook zeer betrokken bij zijn leerlingen. Stuitje is ervan overtuigd dat onderwijs een belangrijke bijdrage levert aan de vorming van ‘nuttige mensen’ voor de samenleving.

Vraag van de redactie: Weet u misschien waar de naam ‘School C’ vandaan komt? Ook de andere scholen hadden in die tijd een letter als naam. De redactie heeft niet kunnen achterhalen waarom dit zo was. Weet u hier mee over? Mail het ons: devijfdehoek@deventer.nl.

Bierens de Haanpad

David Bierens de Haan (1822-1895) is van 1848 tot 1853 leraar wis-, natuur- en aardrijkskunde aan het gymnasium in Deventer. Hij doet in de jaren 1861-1863 belangrijke voorstellen tot hervorming van het Athenaeum. Zijn voorstellen worden uiteindelijk ingehaald door de oprichting van de HBS in 1864. Bierens de Haan wordt in 1863 benoemd tot hoogleraar Wiskunde aan de Universiteit Leiden. Hij geniet landelijke bekendheid vanwege zijn werk op het terrein van de integraalrekening, een onderdeel van de wiskunde.